In gesprek met Ramón Gieling

Ramón Gieling is iemand die het naar eigen zeggen nooit druk heeft: ‘Ongeduld maakt dat je vaak tijd over hebt,’ zegt hij. Deze totaal-kunstenaar, kortgeleden nog gevierd met een vertoning van zijn films en een aantal werken uit andere disciplines van zijn multidisciplinaire oeuvre in het filmmuseum Eye, beweegt zich van het ene project naar het andere. Zijn film Sisyphus at work is nog maar net voltooid, of onmerkbaar is de maker alweer over de helft van twee nieuwe films: Paul Blanca, deze film redt je leven, en L’Amour / La Mort  en alweer begonnen aan het schrijven van een derde: Moesson Hotel. We treffen hem in de voorbereidingen van L’Amour / La Mort.

‘Ongeduld maakt dat je vaak tijd over hebt.’

Apunto: De nieuwe film raakt aan de grote thema’s: Eros en Thanatos die ook in ander werk als Leitmotif terugkomen. Maar ook over de genezende kracht van de muziek.

De Liefde, de dood en de muziek

Gieling: Welbeschouwd gaat elke film over leven, liefde en de dood – ook actiefilms –  alleen de verpakking varieert. L’Amour / La Mort gaat over de drie fenomenen die ons allemaal intensief bezighouden en waar we het minste van begrijpen; de liefde, de dood, en de muziek. Volgens sommigen zijn de eerste twee kanten van dezelfde medaille die een geheim verbond vormen en die zoveel extase, pijn, en verdriet kunnen veroorzaken, dat ze vaak alleen in de muziek te verdragen zijn.

Apunto: In de film gaat de Vlaamse psychiater Dirk de Wachter ons rondleiden langs het theater van de kwellingen die een intens beleefde liefde teweeg brengt. Als Dante’s Vergilius leidt hij ons rond langs verschillende verschijningsvormen van die pijn. Hoe hangt die keuze samen met je uitgangspunten voor dit project?

Liefde en psychiatrie

Gieling: De associatie liefde-psychiatrie ligt misschien meer voor de hand dan je zou denken. Veel jeugdtrauma’s, om maar wat te noemen, zijn terug te voeren op een verloren liefde,  gedwarsboomde liefde, gebrek aan liefde, of met geweld vermoorde liefde. Het is natuurlijk een gechargeerde these dat de liefde een ziekte is waaraan wij lijden vanaf onze geboorte tot onze dood. Maar in film moet je de dingen uitvergroten. Een ziekte die wel te behandelen is, maar niet te genezen. Of zoals Freud het zei: ‘Wij proberen trauma’s te veranderen in draaglijk ongemak.’

‘Wij proberen trauma’s te veranderen in draaglijk ongemak.’

Apunto: Waarom heb je Dirk de Wachter gevraagd?

Gieling: Ik was op zoek naar de rechtvaardiging van iemand die mijn gids kon zijn. Dirk de Wachter is psychiater die over de liefde geschreven heeft, mensen behandelt die aan liefde lijden of hebben geleden, en ook een muziekkenner is. Een erudiete, hartverwarmende man. Hij heeft een goeie kop, ook niet onbelangrijk. De vertelling voltrekt zich in een verlaten ziekenhuis of inrichting waarbij we ons bewegen van kamer naar kamer, van verhaal naar verhaal, begeleid door muziek die de thema’s vertolkt: Dido’s Lament van Henry Purcell, of Der Tod und das Mädchen van Schubert, maar ook Sting en Billie Eilish.

’In de muziek vind je troost omdat je daar iemand hoort zingen die er nog erger aan toe is dan jij.’

Apunto: Waarom lijden we eigenlijk aan de liefde? Je zou de liefde ook ‘mooi’ kunnen noemen.

Meer of minder lijden?

Gieling: Hoewel ik atheïst ben, zou je toch aan een hogere macht gaan denken die ons straft voor de vergissing die we zijn in de schepping. Maar meer nuchter kan je zeggen dat alles in ons bestaan in tegengestelden komt: je kunt iemand liefhebben en haten tegelijkertijd. Je kunt ook vragen: waarom gaan we dood? Het leven is ten slotte iets moois. Volgens schrijver Julian Barnes stelt de liefde ons voor een keuze. Hij verwoordde het zo: ’Zou u liever meer liefhebben maar daarmee ook meer lijden, of minder lijden maar ook minder liefhebben?’ Dat is de tweede premisse van de film.

’Zou u liever meer liefhebben maar daarmee ook meer lijden, of minder lijden maar ook minder liefhebben?’

Apunto: En de nadruk op de muziek als een helende kracht?

Gieling: Peter Sellars, de bekende operaregisseur en gids in mijn film Erbarme dich zei: ’In de muziek vind je troost omdat je daar iemand hoort zingen die er nog erger aan toe is dan jij.’ Liefdesduo’s zoals Dido en Aeneas, Tristan en Isolde, Orpheus en Eurydice, Romeo en Julia wiens intense liefdes worden bekocht met de dood, bevolken nu eenmaal de grote werken van de klassieke muziek. Maar evengoed is het een onverzadigbaar thema in de popmuziek: ‘I’d rather see you dead little girl, than to see you with another man,’ zong John Lennon. In alle genres worden de liefde en de dood met een onpeilbare levensenergie bezongen.

‘I’d rather see you dead little girl, than to see you with another man’

Apunto: Het klinkt alsof je ons, de kijker, wil meevoeren in een intense rollercoaster van emoties. Ik bedoel: hartverscheurende verhalen, diepgevoelde muziek en om ons te troosten een vriendelijke psychiater.

Impact

Gieling: Heel lang geleden, in Arnhem, werd ik geïnterviewd door de beminnelijke Hans Eijkelboom – met wie ik nog steeds contact heb. Toen hij me vroeg  wat ik wilde met mijn werk, herinner ik me dat ik antwoordde dat ik vond dat een kunstwerk, of film, of boek, het effect van een verkeersongeluk moest hebben. Ik bedoel; de oorverdovende stilte na de klap. De angst om te gaan kijken wat er gebeurde, en de angst om een gewonde of dode geliefde te moeten zien. Dit alles spreekwoordelijk natuurlijk. Ik zei dat als een kunstwerk niet die impact had, het een zinloos kunstwerk was. Maar ook het zwarte kruis van Malevitsj heeft wat mij betreft die impact. Mij interesseert alles wat ik niet begrijp. Soms is de muziek ook een ‘psychiater’ aan wie de personages hun liefdespijn toevertrouwen. De muziek gaat een dialoog aan met hun verhaal: meebewegend, contrasterend.

‘De oorverdovende stilte na de klap.’

Apunto: In het relaas van de ‘patiënten’ komt een heel scala voor: van polygamie tot sadisme, erfelijkheid, familie, homoseksualiteit en hetero’s, ziekte, geweld en de dood.

Gieling: Een van de interessante aspecten van de tegenstelling ‘liefde – lijden’ is dat we er niet van kunnen leren. We kunnen onze lessen – behoudens wat open deuren – niet overdragen op volgende generaties. Het zijn al eeuwen dezelfde paradijzen en afgronden waar geliefden gedrogeerd in verdwalen of zich suïcidaal in storten. Veelvormig maar met dezelfde essentie.

Apunto: In je laatste film Sisyphus at work wordt de protagonist gedreven door het besef dat hij nog maar negen maanden te leven heeft. Dus speelt hierin hetzelfde thema een rol?

Gieling: De verbeelding, of fantasie, is ons enige en laatste toevluchtsoord. Alleen daar zijn we vrije mensen. Dat is wat mijn hoofdpersoon, die filmmaker is, doet. Hij stapt in zijn verbeelding en daar wordt een film geboren waarin Sisyphus, vrouwenversierder en held van de zinloosheid, moedig zijn strijd met de gewichtloosheid aangaat.

‘De verbeelding, of fantasie, is ons enige en laatste toevluchtsoord.’

Apunto: In hoeverre zou je je nieuwe film kunnen vergelijken met een opera? Het beeld van een totaalkunstwerk, met een grote rol voor de muziek, dringt zich op.

Gieling: De vergelijking gebruikte ik laatst tegen mijn cameraman en decorontwerper: een opera.

Apunto: In veel van je schilderijen en tekeningen is een uitdrukkelijke rol weggelegd voor expliciete seksualiteit, geweld en de dood. Zie je zelf een verband tussen je films en je overige kunstuitingen? Heeft het thema van deze film ‘Eros en Thanatos’ een soort overkoepelende rol in je gehele oeuvre of zie je eerder een ander centraal thema?

Veelvraat

Gieling: Ik probeer mijn werk of mijzelf zo min mogelijk te analyseren. Dat maakt je alleen maar triest of aanmatigend. Mensen die heel goed hun werk weten te analyseren zijn ’n beetje treurig. Ik probeer zo min mogelijk van mijzelf te weten te komen. Dat betekent niet dat ik niet over mijn werk wil praten. Er is niets leukers. Maar niet over de betekenissen. Ik ben een veelvraat; ik lust bijna alles. Ik lees Guy de Maupassant voor zijn korte verhalen en geweldige plots. Ik lees de cases van Freud. Ik verslind Murakami. Ik vind Bacons’ uitspraken even leuk als zijn schilderijen goed zijn. Laatst zag ik werk van Constant Nieuwenhuis terug, ook fantastisch. Ik vind Billie Eilish en Stromae erg goed.

‘Ik probeer mijn werk of mijzelf zo min mogelijk te analyseren.’

Apunto: Een aantal van je schilderijen die in de galerie staan houden verband met de decors in je film Sisyphus at work. Hoe werkt zo’n proces voor jou?

Verf zien

Gieling:  Ik houd van verf en ik houd van de daad van het schilderen. Als ik een goed schilderij zie, heb ik meteen zin om te schilderen. Ik wilde dat je in de decors van Sisyphus verf zou zien, en de hand die de kwast, het penseel, gehanteerd had. Natuurlijk was ik geïnspireerd door de krankzinnig goeie decors – getekend en geschilderd – van An American in Paris en Singin’ in the rain. Twee meesterwerken in alle opzichten, die feitelijk gesamtkunstwerken zijn. De decors in een vroeg stadium al schilderend te maken helpt me de scenes voor me te zien die zich erin gaan voltrekken. Ik maak de gouaches op een maat van ongeveer een meter vijftig bij tachtig en die worden uitvergroot op backdrops van 15 meter bij zes meter.

‘Het gaat er vooral om dat je alles toelaat zonder te reflecteren; in de spiegel worden narcisten geboren.’

Apunto: Hoe zie je de dwarsverbanden en kruisbestuivingen tussen de verschillende media waarin je werkt?

Gieling: Ik ben heel veel mensen tegelijk, dat is elk mens feitelijk. Op elk uur van de dag ben ik iemand anders. De enige vrijheid die we hebben is om leven te kunnen geven aan de impulsen die zich voordoen. Vaak schrijf ik, heel vaak monteer ik, dan weer teken of schilder ik. Het idee van de gouaches Les favoris de la lune bijvoorbeeld, kan alleen in verf bestaan, nergens anders in. Het scenario van de speelfilm Moesson Hotel, dat ik samen met Gustaaf Peek schreef, kan alleen een film zijn. Maar het is ook als koken; soms maak je pasta, dan weer aardappelen, dan weer soep of paella, kreeft of mosselen, zalm of Jakobsschelpen. Maar het gaat er vooral om dat je alles toelaat zonder te reflecteren; in de spiegel worden narcisten geboren.